Acht weken trainen voor je eigen hondenspan bij Elsa en Fred in Zweeds Lapland: sneeuwschoenen, ski Altaï, techniek en koude-acclimatisatie per etappe.

Aankomen bij het kamp nabij Arvidsjaur voor de expeditie Chien de traineau, raquettes et aurores boréales en Laponie Suédoise voelt anders als je lichaam en hoofd op de juiste manier zijn voorbereid. In een week wissel je een veiligheidsbriefing en de eerste oefeningen met de slee af met langere tochten op sneeuwschoenen, een sessie cani-rando, een dag culturele ontdekking in Arjeplog, een dag op ski’s van het type Altaï en een laatste dag waarop je opnieuw je eigen honden span bestuurt. Dit achtweekse schema sluit aan op wat er werkelijk gebeurt tussen dag 2 en dag 6: twee dagen sledehonden sturen en remmen, urenlang bewegen in sneeuw, samenwerken met een trekkende hond en herhaald buiten zijn in de kou. Elsa en Fred verwelkomen je vanaf dag 2 met hun 60 honden, elk met een eigen naam, en elke trainingsweek in dit schema bereidt je voor op één concrete beweging die je samen met hen op de sneeuw herhaalt.
Voor je de weken indeelt is het nuttig te weten waar je staat. De dagen in Lapland vragen een stevige basisconditie voor 4 tot 6 uur bewegen in sneeuw met een lichte rugzak, functionele kracht om een vierspan te helpen bij vertrek en remmen, rompstabiliteit om ontspannen op de glijders te blijven staan, evenwicht op schuine passages en een goede koude-acclimatisatie voor meerdere uren achter elkaar buiten. Gebruik deze korte zelftests als vertrekpunt en herhaal ze in week 4 en week 8 om je vooruitgang te zien.
Koppel elk testonderdeel aan een dag van het programma. De uithouding helpt vooral op de ski Altaï dag 5 en tijdens de sneeuwschoenmiddagen op dag 2 en dag 6. Trappenwerk en korte heuvels vertalen zich naar het duwen en gecontroleerd remmen van het span op dag 3 en dag 6. Rompstabiliteit en balans maken het verschil op dwarshellingen achter de slee en bij glijbewegingen op dag 5. De koude-acclimatisatie maakt lange buitenblokken aan het begin, midden en eind van de week draaglijker.
Plan wekelijks 3 tot 5 sessies, met vooral gematigde intensiteit waarop je nog kunt praten. Vul dat aan met gerichte kracht, techniek en tijd buiten in de kou. Pas aan waar nodig, maar houd de rode draad vast: uithouding, kracht, techniek, koude-acclimatisatie.
Week 1 en 2, de fundering. Doe twee rustige duurblokken van 45 tot 60 minuten, bijvoorbeeld stevig wandelen of fietsen. Voeg twee krachtrondes toe met uitvalspassen achterwaarts, step-ups op een bankje, een heupscharnier met gestrekte benen, roei-bewegingen met een elastiek, opdrukken op een verhoogd vlak en plankvarianten. Sluit een van de weken af met een buitentocht van 90 minuten in frisse omstandigheden om handschoenen en sokken te testen. Het doel is bewegen op praattempo en techniek netjes houden.
Week 3 en 4, opbouw. Behoud één duurtraining van 60 tot 90 minuten en voeg een lichte interval toe, bijvoorbeeld 8 keer 1 minuut pittig met 1 minuut herstel. Maak van de krachttraining een functionele circuittraining met dragen en duwen: uitvalspassen met een rugzak van 6 tot 10 kilo, zwaardere step-ups, een boerenloop waarbij je twee gewichten aan weerszijden draagt, stevige trekbewegingen met elastiek en een plank met armlift. Plan een wandeling van 2 uur op losser terrein zoals gras of zand om het gevoel van sneeuw te benaderen. Simuleer voor het sledewerk het duwen en remmen: duw een beladen winkelkar op een leeg parkeerterrein of sleep een autoband met een heupgordel over gras, 6 tot 8 herhalingen van 30 tot 45 seconden met volledige rust ertussen.
Week 5 en 6, de sneeuwspecifieke fase. Leg elke week één lange tocht van 4 tot 6 uur in golvend terrein, het liefst op sneeuwschoenen. Als dat niet kan, kies dan voor sportief wandelen met stokken op besneeuwde paden. Voeg een heuvelsessie toe met 8 tot 12 keer 60 tot 90 seconden klimmen, wandelend omlaag herstellen. Houd de krachttraining kort en doelgericht met een bekersquat, heupscharnier, trekken aan een kabel of elastiek, opdrukken en een anti-rotatieplank. Kun je korte ski’s zoals Altaï huren, doe dan een halve dag ervaring op met balans, steun verplaatsen en remmen door de hiel licht te laten wegschuiven. Voor de cani-rando zijn twee sessies van 45 tot 60 minuten ideaal als je een hond hebt die eraan gewend is: gebruik een heupgordel met elastische lijn, houd je bekken neutraal, romp aangespannen en schouders boven de heupen. Zonder hond kun je een heupgordel met elastiek gebruiken terwijl een partner lichte weerstand biedt, puur om je houding te trainen.
Week 7 en 8, taper in de kou. Verlaag het totale trainingsvolume met 30 tot 40 procent, maar houd het aantal sessies aan. Blijf twee langere buitenblokken van 2 tot 3 uur doen voor je koude-acclimatisatie. Plan één korte prikkel met tempo, bijvoorbeeld 6 keer 2 minuten vlot, en herhaal een technische sledeoefening met 6 korte blokken duwen of trekken met actieve remhouding. In de laatste week maak je geen sessie langer dan 60 minuten, je slaapt ruim en je plant 48 uur voor je vlucht naar Arvidsjaur een volledige rustdag.
Op dag 2 oefen je remmen, meeduwen bij het vertrek en de slee op lijn houden. Op dag 3 bestuur je je eigen vierspan onder het toeziend oog van Elsa en in de namiddag ga je in cani-rando-modus samenwerken met je hond. Train vooraf drie gewoontes: kijk ver vooruit, houd je knieën veerkrachtig en verdeel je steunpunten rustig. Oefen starts en stops met een duidelijk stemcommando, ontspannen armen en een stevige, stabiele rempositie. Stel bij cani-rando de elastische lijn zo af dat hij licht gespannen blijft zonder je bekken naar voren te trekken, en laat je armen natuurlijk meebewegen in plaats van te trekken. Voor de ski Altaï van dag 5 helpt het om je zwaartepunt te voelen: kleine buigingen, rustig gewicht verplaatsen van linker naar rechter voet en korte, gecontroleerde glijbewegingen op een zachte helling. Zoek eerst stabiliteit, snelheid komt later vanzelf.
Meerdere dagen achter elkaar buiten zijn zoals op dag 2, 3, 5 en 6 vraagt gewenning. Verleng je buitentijd stap voor stap met 2 tot 3 sessies per week. Adem vooral door je neus om de lucht te verwarmen. Koele douches kunnen helpen als je dat prettig vindt, maar geef prioriteit aan echte buitentijd. Eet regelmatig complexe koolhydraten en mik op 1,2 tot 1,6 gram eiwit per kilo lichaamsgewicht per dag om te herstellen. Vetten van goede kwaliteit ondersteunen je warmteproductie. Drink meer dan je gewend bent, want koude, droge lucht droogt uit zonder dat je het merkt. Voor lange tochten werkt een warme, licht gezoete drank met een snufje zout goed. In de winter kan vitamine D zinvol zijn, overleg bij twijfel met je arts. Bij krampen kan magnesium helpen. Slaap 7 tot 9 uur, doe na de training korte rekoefeningen en masseer kuiten en onderrug met een bal of foamroller. Voorkom bevriezing door je kledinglagen actief te managen, natte handschoenen te wisselen en je tenen te bewegen tijdens pauzes. De reisdag naar Arjeplog op dag 4 is rustiger, maar houd rekening met een sluimerende vermoeidheid.
Oefen in omstandigheden die lijken op Lapland met wat je straks draagt. Denk aan winterlaarzen die met sneeuwschoenen werken, merinowollen sokken, een handschoenensysteem in lagen, thermische onderlagen, een lichte donsjas voor pauzes, een zonnebril met categorie 4 en een skibril bij wind. Maak met deze set 2 tot 3 lange tochten en let op schuurplekken, bewegingsvrijheid van schouders tijdens remmen en de ademende werking bij inspanning. Draag op je langere trainingen een kleine rugzak van 3 tot 5 kilo. Als je de kans hebt, probeer een heupgordel en elastische lijn voor cani-rando zodat de afstelling op dag 3 meteen goed zit. Gebruik deze lijst om je materiaal vooraf te valideren, zodat niets je nog verrast eenmaal je in Lapland bent.
Een week voor vertrek verlaag je het trainingsvolume en houd je een korte tempoprikkel en twee technische herhalingen van ongeveer 20 minuten. Vijf dagen voor vertrek controleer je je uitrusting, laad je je hoofdlamp op en maak je een kleine gezondheidsset klaar met blarenpleisters, zwachtels, gangbare pijnstillers, lippen- en huidverzorging en herhydratatietabletten. Drie dagen voor vertrek doe je een rustige wandeling van 45 minuten, gevolgd door zachte rekoefeningen. Een sauna kan als je eraan gewend bent, zonder extreme temperatuurwissels. Twee dagen voor vertrek ga je vroeg slapen, drink je voldoende en vermijd je onbekend voedsel. Controleer je verzekering op dekking voor hondensleeën en toerskiën van het noordse type, eventuele zorg bij koude gerelateerde klachten en repatriëring. Noteer medicatie, allergieën en een noodcontact op een kaartje dat je bij je houdt. Zo stap je ontspannen de dagen in, van de eerste kennismaking met de honden tot het laatste eigen ritje op dag 6, met daarna tijd voor een vrije sneeuwschoenuitstap of rust bij het vuur.
Na acht weken voorbereiding kun je 4 tot 6 uur in de sneeuw bewegen met een lichte rugzak, een slede gecontroleerd helpen bij vertrek en remmen zonder te verkrampen, en meerdere uren kou managen door je lagen actief te gebruiken. Zoals Pasca het verwoordde na afloop: “Als je op zoek bent naar authenticiteit in je avontuur, doe het gewoon, je komt niet bedrogen uit.” Dit schema volgt de concrete etappes van Chien de traineau, raquettes et aurores boréales en Laponie Suédoise, van je eerste dag aan de leidsels tot je laatste rit met Elsa, Fred en hun honden op dag 6.
Ontdek geselecteerde expedities in de categorieën van dit artikel en begin met het plannen van je volgende reis.
Vind de expeditie van je dromen
Met de hand gekozen, in lijn met dit artikel.




Blijf verder ontdekken met deze pagina's en verhalen, gekozen voor jou.

Acht weken voorbereiding op de GR58: nachten in de hut op 2580 m, optioneel de top op 3025 m, en benen die de afdaling door het vallon de Bouchouse aankunnen.

Train met Cécile, je poolgids op de Lofoten, voor de trappen van Reinebringen, bivakken aan zee en lange dagen onder de middernachtzon, zonder blessures.

Wat de 4 dagen skitour rond de Mont Blanc met gids Olivier echt vragen, van Les Contamines tot de Col de la Fenêtre, met een concreet schema van 6 weken.

Beleef een unieke vakantie in Lapland met noorderlicht, huskytochten, sneeuwschoenwandelingen en wildernishutten. Kleinschalig en avontuurlijk met gids.

Onze expedities in februari, van Ardennen tot Lapland. Kies sneeuwschoen of toerski, hondenslee of packraft. Bekijk data en prijzen en boek.

Een rustig plan van zes weken om fris aan te komen bij de trailstage in Chamonix met Violette: basistechniek voor klimmen en dalen, zonder prestatiedruk.